
Programmeren op basis van de fundamentele bewegingspatronen
Veel beginnende trainers hebben moeite met het ontwerpen van een goede full body training. Vaak komt dit doordat men oefeningen kiest op basis van spiergroepen. Het gevolg hiervan kan zijn dat een training te eenzijdig wordt, er is dan geen sprake van een evenwichtige belasting van het lichaam.
Wil je je sporters een uitgebalanceerde en functinele training aanbieden? Ontwerp je training dan niet op basis van spieren, maar op basis van de 5 fundamentele bewegingspatronen:
Push
Horizontale of verticale duwbeweging (bijv. chest press of push up)
Pull
Horizontale of verticale trekbeweging (bijv. lat pulldown of bent over row)
Squat
Knie dominante beweging (bijv. leg press of goblet squat)
Hinge
Heup dominante beweging (bijv. glute bridge of deadlift)
Rotatie of antirotatie
Rotaties van de romp (bijv. woodchops of cable rotations) of het tegengaan van rotaties van de romp (bijv. pallof press of bird dog)
Een goede full body training bevat in ieder geval 1 oefening van elk van de 5 fundamentele bewegingspatronen. Daarnaast kun je, op basis van de specifieke situatie van je sporter, natuurlijk nog extra oefeningen toevoegen.



